zondag 28 mei 2017

Waardering

Momenteel “hangt” Bob Dylan in museum De Fundatie in Zwolle. De serie Face Value werd in 2012 geschilderd. Deze twaalf schilderijen selecteerde Dylan voor een presentatie in 2013 in The National Portrait Gallery in Londen. Daarna reisden de werken naar Denemarken, de Verenigde Staten, Duitsland en nu doen ze Nederland aan. De portrettenserie in Zwolle is in bruikleen van The Bob and Jenny Ramsey Collection.
De schilder Dylan kennen we al een halve eeuw. Na zijn fameuze motorongeluk in juli '66 trok hij zich terug uit het openbare leven. In de tussentijd nam zijn voormalige begeleidingsband nummers op voor hun debuut Music From Big Pink. De hoes van deze elpee werd geschilderd door Bob Dylan. Een soort groepsportret. De stijl die Dylan bij 'Big Pink' laat zien, is hetzelfde als wat bij andere portretten zichtbaar is.
In 1970 verscheen het dubbelalbum Self Portrait. En inderdaad, deze hoes wordt opgeluisterd met een geschilderd zelfportret van de zanger. Uit dezelfde schildersessie is de hoes van The Bootleg Series vol. 10: Another Self Portrait, dat in 2013 verscheen. Maar er zijn meer werken van Dylan als hoezen verschenen.
Neem bijvoorbeeld Planet Waves uit 1973, het enige studioalbum met The Band (los van de versies van The Basement Tapes). Ook hier is weer een tekening van Dylan te zien. Het schilderen is een manier voor de zanger om zijn creativiteit weer op gang te helpen.
In 1974 gaat Dylan op schilderlessen bij een gepensioneerde schilder: Norman Raeben. De Nederlandse journalist en Dylan-biograaf Sjoerd de Jong schrijft in 1991: “Raeben leert zijn pupillen technieken om hun 'hoofd, geest en ogen' te combineren, aldus Dylan, om zo 'de tijd stil te zetten,' het oogmerk van alle ware kunst.”
Toch duurde het tot 2008 dat er een expositie van Dylans schilderwerken kwam. In het Oost-Duitse Chemnitz, ooit onderdeel van de DDR, was in 2007 de tentoonstelling Drawn blank series. Ook de huidige Face Value-serie heeft in Chemnitz gehangen.
Face Value werden in 2012 geschilderd, het jaar dat Tempest uitkwam. Wat hebben de karakterstudies van Face Value en de teksten van Tempest met elkaar te maken? Dylan wilde van Tempest een religieus album maken, maar dat lukte hem niet. Misschien hebben de karakterstudies hem wel geholpen om een geheel andere weg in de slaan en met de uiteindelijke versie van Tempest te komen.
Misschien zijn het pogingen, zowel Tempest, Face Value en zelfs misschien Triplicate... – pogingen om “in praktijk te brengen wat Norman Raeben hem in 1974 leerde, om met kunst de tijd stil te zetten.”

Dit bericht verscheen ook op FritsTromp.nl



zaterdag 27 mei 2017

Face Value

Sinds afgelopen woensdag wordt in De Fundatie in Zwolle de expositie Face Value gehouden. Twaalf schilderijen van de hand van Bob Dylan. De werken hangen over drie wanden aan een zijde van de zaal, aan de andere zijde van de zaal hangen de tussen 1651 en 1658 door Gerard ter Borch gemaakte portretten van Willem Craeyvanger, Christine van der Wart en hun kinderen. Verder is in het museum in de Hanzestad exposities te zien van componist Michiel Borstlap (audire et videre I) en Jeroen Krabbé (Het Late Licht).
Ik ben geen kenner of liefhebber van schilderkunst. Desalniettemin toog ik vandaag naar Zwolle, mijn oude studentenstad, om het museum te bezoeken. En aangezien ik er toch was, heb ik gelijk ook de andere tentoonstellingen bekeken. Het gaat bij dit blog natuurlijk om het werk van Dylan.
De portrettenserie Face Value uit 2012 is in bruikleen van The Bob and Jenny Ramsey Collection. Voor de tentoonstelling van Face Value in De Fundatie is geen catalogus gedrukt, maar de catalogus van de tentoonstelling van Face Value in Chemnitz (zomer 2016) is te koop in De Fundatie.
Enfin, wat vind ik er van? Ik ben geen kenner van kunst, dus ik kan het niet op waarde schatten. Ik zie de twaalf “karakterstudies”. De manier van schilderen is typisch Dylan: sla de hoezen er maar op na van Music From Big Pink, Self Portrait en Another Self Portrait en je ziet saamhorigheid met Face Value.
Leuk vond ik het om ook deze kunstvorm van Dylan te bekijken. Toch is mijn leven niet per se verrijkt of mijn kennis en inzicht in Dylan's werk toegenomen. Face Value is vooral een aardigheid, een extraatje.
De schilderijen zijn tot en met 20 augustus te zien, daarna gaan ze weer terug naar Bob en Jenny Ramsey. Om zich voorlopig nooit meer aan de wereld te vertonen. Ach, wat is nooit meer?

donderdag 25 mei 2017

Manchester

Maandagavond blies een IS-terrorist zichzelf op. Hij deed dat na een concert van de Amerikaanse popster Ariana Grande, in de hal van de Manchester Arena. Onder de slachtoffers vooral kleine kinderen, de jongste was 8 jaar (Saffie). Dieptriest, zoiets.
Ik moest onwillekeurig denken aan Dylan's optreden in Manchester Free Trade Hall van 17 mei 1966. Het zijn twee totaal verschillende gebeurtenissen. Dylan's confrontatie met zijn fans staat in geen verhouding tot het verliezen van je familie of kind.
Dat gezegd hebbende, heb ik vandaag toch maar The "Royal Albert Hall" Concert beluisterd. Dit is het vierde deel uit de Bootleg Series van Dylan. Abusievelijk is de ondertitel in al die jaren ongewijzigd gebleven. Het concert waar het hier om gaat, is niét opgenomen in The "Royal Albert Hall" Concert, maar in de Free Trade Hall in Manchester.
Dit optreden is één van de meest gebootlegde concerten uit de popmuziek. Waar de fout is geslopen dat het optreden in Londen zou hebben plaatsgevonden, weet ik zo niet. Wel dat iedereen weet dat de ondertitel foutief is. Dit is gecorrigeerd bij 'Bob Dylan: The 1966 Live Recordings'. Dit is een box met vrijwel alle opnames van deze Engelse tournee.
Het verhaal rondom deze tournee en met name dit optreden moge bekend zijn. Dylan stapte in deze periode over van akoestische naar elektrische muziek. Tijdens de tournee speelde hij voor de pauze een akoestische set, na de pauze kwam het rockgedeelte waar Dylan werd bijgestaan door de jongens van The Hawks (later The Band).
De tournee was een aanvaring met het publiek, dat veelal bestond uit 'conservatieve folkliefhebbers'. Zij vonden dat de zuivere folk gespeeld wordt door akoestische singer-songwriters zoals Woody Guthrie, Joan Baez en Pete Seeger. In Manchester kwam de slag tussen Dylan en de fans tot een climax. Vanuit het publiek schreeuwde iemand “Judas!”, waarna Dylan antwoordde: “I don't believe you. You're a liar!”
De zanger draaide zich om naar zijn band en gaf de dienstmededeling: “Play it fuckin' loud.”
In een interview met Mikal Gilmore (Rolling Stone #1166, september 2012) zei Dylan over dit voorval het volgende: “It's an old thing – it's a part of the tradition. It goes way back. These are the same people that tried to pin the name Judas on me. Judas, the most hated name in human history! If you think you've been called a bad name, try to work your way out from under that. Yeah, and for what? For playing an electric guitar? As if that is in some kind of way equitable to betraying our Lord and delivering him up to be crucified. All those evil motherfuckers can rot in hell.”
Maar deze fan-artiest-botsing staat in geen verhouding tot de aanslag bij Ariana Grande.

woensdag 24 mei 2017

Forever Young

Bob Dylan is jarig. De man wordt 76 jaar. En dat mag best gevierd worden. Het afgelopen jaar ontving de zanger natuurlijk de Nobelprijs voor de Literatuur. Zijn derde album Triplicate, een drievoudig album, met nummers uit de American Songbook verscheen. Drie shows in AFAS Live. Zomaar wat zaken van het afgelopen levensjaar. En vandaag begint in De Fundatie in Zwolle de tentoonstelling Face Value, pasteltekeningen van Dylan en in bruikleen van The Bob and Jenny Ramsey Collection.
Mooie dingen. Het had zomaar anders kunnen zijn gegaan. Precies twintig jaar geleden scheerde Dylan langs de dood. Dochter Maria Himmelman had een verjaardagsfeestje georganiseerd voor de 56ste verjaardag van de troubadour. Tijdens het eten voelde Dylan zich niet goed: pijn in zijn borst. “De pijn verlamde me en mijn hersenen sloegen op tilt. Ik was zo ziek dat ik niets meer wist,” zei hij later. De dokter van het universitair medisch centrum in Los Angeles raadde de zanger aan om naar het ziekenhuis te gaan.
Aldaar werd de diagnose geconstateerd: histoplasmosis, een infectie van het vlies om het hart. De schimmelinfectie is ernstig, want Dylan liep er al een tijdje mee rond.
Maria Himmelman. Zij is getrouwd met Peter Himmelman en is niet Dylan's biologische dochter. Maria is geboren uit het huwelijk van Sara en Hans Lownds – Sara is de eerste mevrouw Dylan. Bij hun huwelijk heeft Bob Maria als wettige dochter geadopteerd. Een vriendelijke geste van Maria voor haar stiefvader.
Ik heb vandaag maar Planet Waves opgezet, kant B. Vanwege de twee versies van Forever Young. Met de klassieke rustige versie van dit nummer wordt kant A afgesloten. Met de rock-versie opent kant B. Planet Waves is een plaat zonder artiest of albumtitel op de hoes. Een hoes die door Dylan is geschilderd. Het enige studio-album van Dylan met The Band (The Basement Tapes niet meegerekend).
May God bless and keep you always
May your wishes all come true

zondag 21 mei 2017

Kronieken #21: The Beats

Gisteren ontving ik de bibliofiele uitgave Bob Dylan and the Beats: Magpie Poetics van Anne Waldman. Ik kende de naam niet, maar dat kan natuurlijk mijn eigen fout zijn. De achterflap vertelt over de schrijfster: “She was a member of the troupe on Bob Dylan's Rolling Thunder Revue in the mid 1970s.”
Sterker nog, deze Anne Waldman (goede Hollandse naam, overigens) speelt een rol in de film Renaldo and Clara. Zij speelt de Sister of Mercy. Deze term betekent in goed Nederlands 'liefdezuster' of 'hoofdverpleegster, -zuster'. Dylan brengt in deze film zijn kijkers continue op een dwaalspoor: zelf speelt hij Renaldo, zijn aanstaande ex-vrouw Sara is Clara, Ronnie Hawkins is Bob Dylan en Ronee Blakley kruipt in de rol van Mrs. Dylan.
Niets is wat het lijkt in Renaldo And Clara. De rol van Anne Waldman kan ook zomaar een verwijzing zijn naar het nummer Sisters of Mercy van Leonard Cohen uit 1967. Of niet, natuurlijk. Je weet het nooit helemaal bij Dylan.

zaterdag 20 mei 2017

Anne Waldman

Vandaag kreeg ik post uit Engeland. De Britse uitgever Kevin Ring stuurde me het boek Bob Dylan and the Beats: Magpie Poetics van Anne Waldman. Een bibliofiel exemplaar, want er zijn slechts 125 exemplaren van “Magpie Poetics” verschenen. Ze zijn allen met de hand genummerd, mijn editie heeft nummer 95 gekregen.
Zo'n boekje zegt veel over mij. Het toont mijn verzamelwoede omtrent één onderwerp. Een bewijs van mijn man-zijn, zal ik maar zeggen. En van mijn grote voorkeur voor Dylan, dat ik zelfs uit het Verenigd Koninkrijk een klein boekje laat bezorgen.
Maar het zegt ook iets over mijn liefde voor boeken en bibliofiele uitgaven. Ik had namelijk ook kunnen zoeken naar Beat Scene #72 uit het voorjaar van 2011. Want Waldman's essay verscheen toen voor het eerst. Ik heb niet gezocht, ik wilde de fysieke uitgave van Kevin Ring hebben. Omdat het (a) een boek is en (b) omdat het een bibliofiele en zeldzame uitgave betreft.
Ik ben weer de koning te rijk.


woensdag 17 mei 2017

I Threw It All Away

Wat ben ik blij met het blog van Tom Willems! Hij wordt wel de beste Dylan-blogger van de Lage Landen genoemd. En hij biedt ruimte aan “fellow Dylan-bloggers” zoals Jochen. Die publiceerde afgelopen week een mooi verhaal over I Threw It All Away, een nummer van Nashville Skyline. Een schitterend mooie versie van dit nummer speelde Dylan in 2002, tijdens mijn eerste Dylan-concert.
Nick Cave heeft het nummer ook gespeeld. Of in ieder geval, de Australiër heeft iets met dit nummer. Cave. Ik houd wel van die man. Mede vanwege zijn werkethos. Maar ook vanwege zijn liefde voor Dylan. Of zoals Jochen het opschrijft: Al ruim twintig jaar gaat het verhaal rond dat hij in elke stad waar hij komt een exemplaar van Dylans Nashville Skyline koopt, en de bron van dat verhaal is Cave zelf, in een interview met Andy Gill voor het blad Q, mei ’95:
Ik blijf telkens maar weer een en hetzelfde album kopen; ik heb zó ontzettend veel versies van Nashville Skyline – ik heb van Dylan zo langzamerhand wel … weet ik veel, zoveel als nodig is.
Mooi, daar kunnen we weer mee vooruit.